Er kraait geen hond naar..

listnen dogNu ik thuis zit heb ik voldoende tijd om na te denken wat me nou zo boos maakt. Of dat het eigenlijk wel boosheid is wat ik voel. Ik kom tot de conclusie dat het vooral de onverschilligheid is die me kwaad maakt. Het gevoel van er kraait geen hond naar.

Helemaal eerlijk is dat gevoel ook niet. Want er zijn zat mensen die ons willen helpen of opbeuren met appjes, berichtjes of koffiebezoekjes. Dit gevoel zit in mijzelf. Fysieke hulp wimpel ik op allerlei mogelijke manieren af. Waarom? Ik schaam mezelf om hulp aan te nemen. Mijn buren stonden gisteren vol liefde mijn vette oven schoon te maken en mijn keukenkastjes af te nemen en het enige dat ik kan bedenken was dat ik niet wil dat ze zien hoe vuil het is. Stom natuurlijk. Zij snappen ook wel dat het vuil is omdat je niet kunt schoonmaken met een hernia.

Toch zit dat gevoel van”er kraait geen hond naar”,  veel dieper dan hulp of een berichtje. Ik mis mijn werk. Ik voel me nutteloos. Wederom. Ik kan niet accepteren dat ik thuis zit en rustig aan moet doen en wachten tot dit gewoon over gaat omdat dit tijd nodig heeft. Ik voel me ondanks lieve vrienden op afstand en dichtbij eenzaam.

Dus stort ik me op de missie schildklierkanker op de kaart zetten. Ook daar loop ik vast. Ik weet niet wat ik als individu nog meer kan doen dan schrijven, schrijven en nog eens schrijven. Om het via een ander kanaal te proberen schrijf ik naar een “dames” weekblad. Een blad waar persoonlijke verhalen voorop staan. Verhalen met emotie. Omdat schildklierkanker juist boordevol emotie zit, van boosheid, onbegrip, verlies en verdriet denk ik dat ik op de goede weg zit. Helaas de respons van het blad luidt dat het verhaal te medisch is.

Te medisch? Uh ja schildklierkanker is nou eenmaal een ziekte. Maar is onbegrip en boosheid geen gevoel? Bijna op hetzelfde moment als de afwijzing van het weekblad krijg ik een mail van een lezer van mijn boek en blog. Ze vertelt me haar verhaal, dankbaarheid voor mijn schrijven, voor het eindelijk naar buiten brengen dat goede kanker niet bestaat. Ook zij kreeg te horen dat ze de beste kanker had die je maar kon krijgen. Ook zij voelde zich onbegrepen en had niet het idee dat ze de hoofdprijs te pakken had. Ik wordt er weer boos om. Wederom bekruipt me het gevoel van ..er kraait geen hond naar! Wanneer stop dit!? Wat je ook probeert, er blijft onbegrip voor deze vorm van kanker.

Moet ik dit los gaan laten? Moet ik denken laat het maar. Kennelijk is die zogenaamde “goede kanker” een mening die niet te veranderen is. Als ik diep in mezelf kijk, weet ik dat ik dit niet ga loslaten. Dat ik blijf strijden om erkenning te vinden voor deze kankersoort. Maar de andere heft van mijn hart zegt dat ik rust moet zoeken in mezelf om beter te worden. Om mijn hernia de tijd te gunnen om te verdwijnen. Ik moet mijn eenzaamheid opheffen. Ik moet er uit, wandelen, bewegen. Gezamelijk hebben we besloten om een hondje te nemen. Het zal goed zijn voor ons alle vier. Een hondje brengt de gezelligheid, warmte en liefde die we nodig hebben en tevens de beweging die ik nodig heb.  Dit wordt ons nieuwe begin.. Wordt vervolgd….

Blogs zijn er om te lezen en te delen *sharing is caring*

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *