Een lot uit de loterij

Drie jaar verder ben ik nu, sinds de diagnose schildklierkanker klonk. Volgens velen een lot uit de loterij. Als je dan toch kanker moet krijgen, dan maar déze. ‘Goede kanker’, is er tegen mij gezegd. Want, zo wordt gesteld, je gaat er immers niet aan dood. Tóch had ik dit lot uit de loterij graag willen inwisselen…Lees verder

Nee, dood ga ik niet. Ik heb met mezelf ooit een verdrag getekend dat ik honderd word. Ik ga voor het telegram van de koningin, dat ongetwijfeld tegen die tijd enorm gedigitaliseerd is. Dat ik honderd jaar wil worden, betekent wel dat ik om moet leren gaan met de chronische ziekte die ik heb over gehouden aan de schildklierkanker. En ook psyschisch is er nog werk te doen. De kanker is uit mijn lijf, maar niet uit mijn hoofd en mijn hart.

Thermostaat

Met mijn schildklier is ook mijn thermostaat verwijderd. Wanneer de mussen van het dak vallen van de warmte, voel ik me een sneeuwpop in een iglo. En andersom wanneer de ijspegels aan de wenkbrouwen blijven plakken, smelt ik weg als sneeuw door de zon. Een temperatuur van 38, 6 is voor mij de normaalste zaak van de wereld. Ik leef op een muizelpilletje per dag. Zonder dat pilletje sterf ik een langzame dood.

Mijn hersenen, die last hebben met onthouden, vertellen mijn spieren dat ze moeten werken. Maar ze luisteren niet. Concentreren is moeilijk. Mijn huid is vreselijk droog, waardoor de drogist er een grote afnemer aan vochtinbrengende crème bij heeft. Hormonaal ben ik een explosievat. Van Jantje huilt naar Jantje lacht in een kweste van minuten.

Rijker

Hoe raar het ook klinkt; ziek worden is niet in zijn geheel negatief. Ondanks de beperkingen, de angst, het verdriet en de pijn is mijn leven rijker geworden. Ik ben als mens gegroeid, wijzer geworden. Ik heb geleerd wat er werkelijk belangrijk is en wie. Ik kreeg een ziekte, maar de ziekte kreeg mij niet. Door te schrijven verwerk ik de scherpe randen van het ziek zijn. Om schildklierkanker op de kaart te zetten schreef ik een boek met de titel ‘Goede kanker bestaat niet!’ Steeds meer endocrinologen en verpleegkundigen steunen mij in mijn strijd om van goede kanker, goed behandelbare kanker te maken.

Het lot uit de loterij kan ik niet meer inwisselen, maar ik kan er wel voor zorgen dat deze loten niet meer worden verkocht. Dat een ziekte als schildklierkanker, met alle beperkingen die daarbij horen, wordt gezien en erkend. Hiervoor zal ik mij blijven inzetten. Tot Gaston voor de deur staat met de bloemen die bij mijn winnende lot hoorden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *